Studieaanbod


Nieuw
CLIL

CLIL: Content and Language Integrated Learning

Wat?

‘CLIL is een vorm van meertalig onderwijs. Een werkvorm waarin het Frans, Engels of Duits als instructietaal wordt gebruikt om een niet-taalvak te onderwijzen.’

In 2018-2019 wordt een uur Crea of Toneel in het Frans gegeven aan de leerlingen van het eerste jaar Moderne Wetenschappen. Bedoeling is om op een creatieve manier de spreekdurf voor Frans te vergroten. De evaluatie betreft een kwalitatieve evaluatie (van onvoldoende naar goed) waarbij de taalvaardigheid en de spreekdurf geëvalueerd worden. We vertrekken vanuit ‘motivatie’ als drijfveer waarbij fouten maken mag!

Vanaf het tweede jaar krijgen alle leerlingen de mogelijkheid om CLIL te volgen ofwel via een Franstalig of Engelstalig traject. Onze leerlijn wordt als volgt uitgebouwd: in het tweede jaar via het vak Muzikale opvoeding (Engels), in het derde jaar in het vak Plastische opvoeding en/of Latijn (Frans), in het vierde jaar opnieuw in het vak Muzikale opvoeding (Engels) en vanaf 2019-2020 en in de hogere jaren via het vak Esthetica (Frans).

[_/su_spoiler]
STEM

Wat? 

  • Vakoverschrijdend werken tussen informatica, wiskunde, techniek en wetenschappen
  • In het eerste jaar Latijn wordt ook het vak Latijn betrokken bij deze projecten. Bv. Hoe een aquaduct bouwen?

Doel?

  • Onderzoekend en probleemoplossend leren
  • Differentiatie: elke leerling uitdagen
  • Motivatie leerlingen verhogen
  • Samenwerken
  • Aansluiten bij de leefwereld van de kinderen

STEM-traject

  • Voor iedere leerling 2u STEM in het eerste jaar gekoppeld aan het vak techniek.
  • 2de jaar: 2u STEM als mogelijk keuzevak. Leerlingen die hiervoor kiezen zijn sterk in wiskunde en Latijn omdat ze dezelfde leerstof in minder uren verwerken.
  • 2de en 3de graad: keuzevak voor leerlingen met een sterk wetenschappelijk profiel.

 

[_/su_spoiler]
Studievaardigheden en sociale vaardigheden

Wat?

De overgang van de lagere naar de secundaire school is voor de meeste leerlingen een grote stap. Ze maken niet alleen kennis met een nieuwe schoolomgeving en nieuwe leerkrachten maar moeten ook op zoek gaan naar een geschikte studiemethode. Daarnaast komen ze ook terecht in een nieuwe klasgroep en maken ze nieuwe vrienden. Sociale vaardigheden zoals samenwerken en respectvol communiceren spelen daarbij een grote rol.

Om onze eerstejaars maximaal te ondersteunen bij het ontwikkelen van de juiste studievaardigheden en het ontplooien van hun sociale vaardigheden, maken we per week een uurtje vrij in het uurrooster voor het vak ‘HAVHO’. HA staat voor ‘hart’, V voor ‘vaardig’ en HO voor ‘hoofd’. Tijdens dit lesuur werken we dus aan de vaardigheden voor hart en hoofd

Vaardig met het hoofd: studievaardigheden

In dit gedeelte focussen we op het leren leren en alle vaardigheden die noodzakelijk zijn om de overgang van lager naar secundair op studievlak zo vlot mogelijk te laten verlopen. We werken rond organisatie (leren werken met de digitale schoolagenda, efficiënt de boekentas maken, gebruik maken van studiewijzers), planning (werken met een stappenplan bij grotere opdrachten, efficiënte tijdsbesteding, examenplanning), leerstijlen (luidop studeren, schriftelijk studeren), leerstrategieën (samenvatten, uit het hoofd leren, het gebruik van een inhoudsopgave, ...) en reflectie (maken van een fouten- en leeranalyse). Op deze manier proberen we de leerlingen inzichten, attitudes en strategieën bij te brengen die hen helpen tijdens hun zoektocht naar een eigen leermethode.

Vaardig met het hart: sociale vaardigheden

In het tweede gedeelte van dit vak leggen we de klemtoon op het ontwikkelen van sociale vaardigheden en competenties die leerlingen nodig hebben om succesvol deel te nemen aan de maatschappij van de toekomst. Onze samenleving is voortdurend in verandering. Voor jongeren is het niet altijd eenvoudig om hier op een goede manier mee om te gaan. De vele prikkels van sociale media, een resem van keuzemogelijkheden, het toenemend belang van ICT, prestatiedruk ... zorgen ervoor dat onze jongeren vandaag heel wat andere competenties nodig hebben dan pakweg 10 jaar geleden. Met thema’s als groepsdynamiek, communicatie, weerbaarheid, wat met stress, gedachten & gevoelens en wijs omgaan met (sociale) media proberen we hier adequaat op in te spelen.

Leerlingen van de richting Moderne Wetenschappen krijgen 1 lesuur per week. In de richting Latijn wordt studiebegeleiding (leren leren, plannen …) geïntegreerd in de lessen Latijn aangevuld met een 10 lesuren/jaar om te werken aan de sociale vaardigheden.

[_/su_spoiler]
Humane wetenschappen

Waarom kiezen voor de studierichting Humane Wetenschappen?

De klemtoon van deze studierichting ligt op de vakken:

  • Cultuurwetenschappen waarin cultuurfenomenen als uitingen van mens en samenleving worden bestudeerd.
    • Je maakt er kennis met economie, recht, filosofie, media en kunst en met de wetenschappen die deze domeinen bestuderen.
    • Je ontwikkelt een gevoeligheid voor kunst en andere cultuuruitingen (bijv. jongerenculturen, media ...).
    • Je krijgt in dit vak zicht op de samenhang van cultuurverschijnselen en de cultuuroverdracht in de samenleving.
  • Gedragswetenschappen waarin de mens als individu en het samenleven van mensen in de maatschappij centraal staat.

Je maakt er kennis met een aantal visies op mens en samenleving, vanuit verschillende wetenschappelijke disciplines, vooral uit de psychologie, de sociologie en de antropologie. Het gaat in dit vak over het bestuderen van de levensloop van de mens, vanuit verschillende invalshoeken. De nadruk ligt op groei en ontwikkeling van de mens.

Zie 2de en 3de graad voor de lessentabel

[_/su_spoiler]
1ste graad

In de eerste graad van het Sint-Aloysiuscollege secundair heb je twee opties: Latijn en Moderne Wetenschappen. Hiertussen kiezen is niet altijd even gemakkelijk. Het is belangrijk dat je een studierichting kiest die niet alleen aansluit bij je interesse, maar ook bij je mogelijkheden. De ervaringen van je ouders, het studieadvies van het CLB en de raadgevingen van je juf of meester kunnen je hierbij helpen.

Eerste leerjaar A

Waarom kiezen voor Latijn?

  1. Een nieuwe uitdaging

De overgang naar het secundair onderwijs is een hele stap. Leerlingen starten het nieuwe schooljaar immers niet alleen op een nieuwe school, in een nieuwe klas, met nieuwe vrienden en een pak nieuwe leerkrachten, maar maken ook kennis met nieuwe vakken. Misschien is Latijn er wel een van. Kiezen voor dit vak betekent meteen een extra uitdaging. Al is dat precies waar sommige leerlingen nood aan hebben na zes jaar lager onderwijs. Leerlingen voor wie het naast Frans en wiskunde nog wel iets meer mag zijn. Leerlingen met gevoel voor taal, leerlingen die houden van verhalen en interesse hebben in geschiedenis en antieke cultuur.

  1. Leren leren

Een nieuwe taal leren vraagt natuurlijk enige inspanning. Een inspanning die loont! Want je leert vaardigheden die ook elders van pas zullen komen: zelfdiscipline, regelmatig studeren, leren plannen, memoriseren – om er maar enkele op te noemen. Het is zeker zo dat Latijn je leert studeren, al mag dat niet de enige reden zijn om ervoor te kiezen.

  1. Trager lezen

Latijn lezen dwingt je om trager en dus ook aandachtiger te gaan lezen. Het is leren stilstaan bij een woord, zin of tekst waarin elke vorm belangrijk is. Want enkel door een nauwkeurige analyse van elk woord, kan je stap voor stap, als in een puzzel, de structuur van de zin ontrafelen. In een tijdperk waarin alles aan ons voorbij flitst, waarin we lustig liken en snel swipen, vergt het lezen van een Latijnse zin geduld, concentratie en aandacht. Het is een vaardigheid die we steeds minder beoefenen maar wel belangrijk blijft, zeker met het oog op hogere studies.

  1. Dialoog met het verleden

Met Latijn (en later misschien ook Grieks) word je geconfronteerd met een totaal andere wereld die eigenlijk wel aan de wortels ligt van onze beschaving. De ‘monoloog’ van de Latijnse of Griekse auteur wordt een dialoog die je begrijpt. Je kan zijn denkbeelden, normen en waarden vergelijken met die van je eigen leefwereld. Dat maakt de vakken Latijn en Grieks net zo bijzonder. Een dergelijke dialoog kunnen ontdekken en beleven is uniek.

De voldoening die je krijgt na het vertalen van een Latijnse zin is dan ook groot en wordt versterkt door gevoelens van medeleven, blijdschap, spanning, verwondering, en zoveel meer. Medeleven bij het verdriet dat je leest in de woorden van een dichter die rouwt om een familielid. Humor in de verzen van een Latijnse komedie. Spanning wanneer we de actie van de oorlogen van Caesar mee beleven vanop de eerste rij. En tenslotte verwondering over het literaire meesterschap van de auteur.

  1. Leuk

Tot slot nog één argument dat al de vorige misschien wel overtreft: Latijn doen is gewoonweg leuk. Je wordt meegezogen in spannende verhalen en wordt geprikkeld om verder te lezen. Ontdekken dat zovele Franse (en ja, waarom geen Spaanse of Italiaanse?) woorden van het Latijn zijn afgeleid. Indruk maken op je reisgezellen als je erin slaagt om in Rome dat ene grafschrift of opschrift op die tempel te vertalen. Een reis naar Rome is dan ook nooit meer hetzelfde als je Latijn gestudeerd hebt. Op het Forum Romanum komen de gebouwen tot leven en tijdens een rondgang in het Colosseum herbeleef je de spanning van de gladiatoren. Een bezoek aan een museum wordt plots zoveel leuker, want het mythologische tafereel heeft voor jou geen geheimen meer!

Kortom: het is liefde ontwikkelen voor literatuur en cultuur in brede zin en vanuit een unieke, boeiende en vernieuwende invalshoek!

Waarom kiezen voor moderne wetenschappen?

Zowel Latijn als moderne wetenschappen hebben dezelfde 27 basisuren. Deze worden aangevuld met 5u complementaire uren:

Wie kiest voor moderne wetenschappen in het eerste jaar, kiest in plaats van 5u Latijn, voor 2u extra wiskunde, 1u extra Nederlands, 1u Studievaardigheden en sociale vaardigheden én 1u CLIL-Crea of CLIL-PO in het Frans.

De inhoud van Studievaardigheden en sociale vaardigheden wordt geïntegreerd in de lessen van Latijn. Latijn studeren zorgt immers automatisch voor het aspect ‘leren leren’. Daarnaast zullen in Latijn een 10-tal uren vrijgemaakt worden om te werken aan projecten zoals groepsdynamiek, faalangst, mediawijsheid,… net zoals in het vak Studievaardigheden en sociale vaardigheden.

Het grote verschil tussen Latijn en Moderne wetenschappen zit hem in de uren Nederlands en Wiskunde. Beide richtingen zien dezelfde inhoud, alleen aan een verschillend tempo.

In moderne wetenschappen is er ruimte voor remediëring en extra oefeningen en wordt de leerstof aan een trager tempo aangeboden. Kies je voor Latijn, dan ligt het leertempo hoog wat een grote inzet vergt.

Voor je verdere schoolloopbaan is vooral een solide wiskundige basis belangrijk. Als je hiervoor wat meer tijd nodig hebt, is het misschien niet verstandig om tegen alle adviezen in de Latijnse afdeling ‘te proberen’.

Ook je persoonlijkheid speelt een rol in de keuze. Werk je gestructureerd, kan je goed plannen, werk je zelfstandig en regelmatig, dan zal dit je zeker helpen wanneer je kiest voor Latijn.

Het is dus belangrijk dat je een studierichting kiest die niet alleen aansluit bij je interesse, maar ook bij je mogelijkheden en je persoonlijkheid. De ervaringen van je ouders, het studieadvies van het CLB en de raadgevingen van de onderwijzer(es) helpen jou je keuze te maken.

Tweede leerjaar A

Sterke leerlingen met een uitgesproken profiel voor STEM (onderzoekend, creatief, analytisch, interesse in technologie, ICT…) kunnen in het tweede jaar kiezen voor de richting Latijn-STEM of Moderne wetenschappen-STEM. Dit betekent dat leerlingen dezelfde leerstof Latijn/Wetenschappelijk werk (1u) en wiskunde (1u) in minder uren zullen verwerken.

Sterke leerlingen met een talenknobbel in combinatie met een grote dosis analytisch inzicht en een uitgesproken algemene vorming kiezen voor Grieks-Latijn. Zij verwerken Nederlands, wiskunde en Latijn in 3 u minder dan de studierichting Latijn.

Leerlingen met minder interesse voor het technologisch en onderzoeksmatig werken en die liever de tijd nemen om de leerstof van Latijn, wetenschappelijk werk en wiskunde te verwerken, kunnen kiezen voor Latijn of Moderne wetenschappen.

Lessentabel 1° graad

2de graad

In de tweede graad maken leerlingen keuzes naargelang hun mogelijkheden en interesses. In het Sint-Aloysiuscollege kies je voor Latijn, Grieks-Latijn, Wetenschappen , Humane Wetenschappen of Economie. In Heilige Harten kan je terecht voor minder abstracte, eerder praktische richtingen zoals Ondernemen en IT, Ondernemen en Communicatie, Sociaal en Technische wetenschappen of Creatie en mode.

Leerlingen, in de eerste graad gestart in Latijn en sterk genoeg om het traject verder te zetten, kiezen voor Latijn of Grieks-Latijn.

Leerlingen uit de moderne met een aso-profiel, of leerlingen uit de Latijnse voor wie Latijn toch niet zo’n goed idee is gebleken, maken op basis van hun interesse een keuze tussen Wetenschappen, Economie of Humane Wetenschappen.

In de studierichtingen Latijn, Economie en Humane Wetenschappen is er mogelijkheid om te kiezen voor het leerplan 4 u of 5 u wiskunde. Het verschil tussen beide leerplannen is meer dan louter 1 u extra wiskunde. In de 5 u worden meer verdiepende oefeningen gemaakt en wordt van de leerlingen een grote zelfstandigheid en een sterk analytisch inzicht verwacht. De evaluatie in de 5 u is er op gericht om theorie te kunnen toepassen in zowel basis- als verdiepende oefeningen waarbij de leerling zelf strategieën toepast om tot een oplossing te komen

 

Wat is economie?

‘Gratis bestaat niet, er is altijd iemand die betaalt.’

Wie economie studeert, begrijpt dit zinnetje. Economie geeft je immers inzicht. Inzicht in het functioneren van de maatschappij, inzicht in de mogelijke keuzes die de maatschappij kan maken, inzicht in de samenhang van oorzaak en gevolg. Economie is geen saaie wetenschap: zij volgt de binnenlandse en buitenlandse actualiteit op de voet, Europa, de politieke beslissingen. Jawel, heel het wereldgebeuren is haar schouwtoneel.

En bovendien verwerf je ook praktische kennis. Je bent beter op de hoogte van domeinen zoals belastingen, bank en beurs en sociale zekerheid.

 

Wat is wetenschap?

‘Waarom zien we nooit de achterkant van de maan? Wat is het nut van koorts? Waarom kunnen we die vlek met zeep verwijderen?’

Elke wetenschap vertrekt vanuit een vraag. Vragen over levende wezens, vragen over natuurkundige verschijnselen zoals de beweging van de planeten, vragen over stoffen en reacties die de stoffen met elkaar aangaan, zoals het roesten van ijzer. We zoeken antwoorden op deze vragen in de lessen biologie, fysica en chemie.

We formuleren hypothesen (dit zijn mogelijke antwoorden op de vragen) en via experimenten testen we of onze hypothesen juist zijn. ‘Echte’ wetenschappers gaan net op dezelfde manier te werk. We leren je dus stap voor stap hoe je een echte wetenschapper kan worden.

 

Waarom kiezen voor de studierichting Humane Wetenschappen?

 De klemtoon van deze studierichting ligt op de vakken:

  • Cultuurwetenschappen waarin cultuurfenomenen als uitingen van mens en samenleving worden bestudeerd.
    • Je maakt er kennis met economie, recht, filosofie, media en kunst en met de wetenschappen die deze domeinen bestuderen.
    • Je ontwikkelt een gevoeligheid voor kunst en andere cultuuruitingen (bijv. jongerenculturen, media …).
    • Je krijgt in dit vak zicht op de samenhang van cultuurverschijnselen en de cultuuroverdracht in de samenleving.
  • Gedragswetenschappen waarin de mens als individu en het samenleven van mensen in de maatschappij centraal staat.

Je maakt er kennis met een aantal visies op mens en samenleving, vanuit verschillende wetenschappelijke disciplines, vooral uit de psychologie, de sociologie en de antropologie. Het gaat in dit vak over het bestuderen van de levensloop van de mens, vanuit verschillende invalshoeken. De nadruk ligt op groei en ontwikkeling van de mens.

Lessentabel 2° graad

3de graad

In de derde graad delen we de richtingen in op basis van vier interessegebieden: talen, wetenschappen, humane wetenschappen of economie. De vooropleiding in de tweede graad bepaalt mee welke keuzes in de derde graad tot de mogelijkheden behoren.

Leerlingen met interesse voor Latijn combineren Latijn best met de pool die het nauwst aansluit bij hun belangstelling of aanleg: moderne talen, wiskunde-wetenschappen of Grieks. Latijn is ook in de derde graad zeer zinvol omdat leerlingen op een systematische wijze kennismaken met de basis van het Europese denken: onze literatuur, filosofie en ons recht.

Naast Latijn kan er ook gekozen worden voor de richtingen Moderne Talen – Wiskunde, Economie – Moderne Talen, Economie Wiskunde, Humane Wetenschappen of Wiskunde – Wetenschappen.

Hoe kies je tussen 3 – 4 – 6 – 8 uur wiskunde?

  • Na tweede graad 4 uur wiskunde:
    • minder goede examenresultaten voor wiskunde –> kiezen voor 3 uur wiskunde
    • goede examenresultaten voor wiskunde, interesse en vlotte verwerking van de leerstof –> kiezen voor 4 uur wiskunde
  • Na tweede graad 5 of 6 uur wiskunde:
    • minder goede examenresultaten voor wiskunde en geen resultaat naar werken –> kiezen voor 4 uur wiskunde
    • goede examenresultaten voor wiskunde, interesse en vlotte verwerking van de leerstof –> kiezen voor 6 uur wiskunde
    • zeer goede examenresultaten voor wiskunde, interesse en hele vlotte verwerking van de leerstof –> kiezen voor 8 uur wiskunde

Volgend schooljaar (2018-2019) is er de mogelijkheid om in het vijfde en zesde jaar ‘Esthetica’ in het Frans te krijgen (met uitzondering van de richting Latijn- Wiskunde). Bedoeling is voornamelijk om de spreekdurf en de taalvaardigheid in het Frans te verbeteren.

lessentabel 5de jaar

lessentabel 6de jaar

Wat na de humaniora?

Wat kun je met je studies aanvangen na 6 jaar humaniora ?

Elke richting op SAN is een voorbereiding op een academische of professionele bachelor. De praktijk wijst uit dat leerlingen met een profiel Economie – Moderne Talen en Humane Wetenschappen de voorkeur geven aan een professionele bachelor. Door de mogelijkheid om in deze richtingen ook voor 4 uur wiskunde te kiezen, zijn deze leerlingen beter voorbereid op een academische opleiding.

Binnen de zuiver wetenschappelijke richtingen (ingenieursstudies, geneeskunde of een master in wiskunde, fysica, biologie), is 6 uur wiskunde nodig om eender welk van de belangstellingsdomeinen aan te kunnen. Een degelijke wiskundige basis is in principe zelfs een goede voorbereiding op elke academische studie.

De combinatie van economie met 6 uur wiskunde sluit geen enkele academische opleiding uit. Handelsingenieur, handelswetenschappen, (toegepaste) economie zijn een paar voorbeelden van mogelijke studierichtingen. De richting Economie – Moderne Talen moet eerder gezien worden als een voorbereiding op een professionele bachelor dan op een academische studie.

Voor de richtingen Latijn – Moderne Talen en Moderne Talen – Wiskunde moet je sterk geïnteresseerd in en getalenteerd zijn voor talen. Latijn – Moderne Talen bereidt namelijk voor op taalstudies op academisch niveau, maar ook in alle niet specifieke wetenschappelijke of wiskundige richtingen is de kans op slagen groot. Met Moderne Talen – Wiskunde kan je, mits voldoende talent, inzet en belangstelling, alle richtingen uit.

De pool wetenschappen gecombineerd met 6 uur wiskunde geeft toegang tot elke vorm van universitair of hoger onderwijs.

De richting Humane Wetenschappen met 4 uur wiskunde legt een unieke basis voor een master in de sociale wetenschappen (psychologie, pedagogie, sociologie, …). Ook andere, niet zuiver wetenschappelijke of wiskundige richtingen op academisch niveau, of wetenschappelijke/wiskundige richtingen op het niveau van een professionele bachelor behoren tot de mogelijkheden.

De richting Humane Wetenschappen met 3 uur wiskunde bereidt leerlingen voor op een professionele bachelor in de sociale wetenschappen (sociaal werk, toegepaste psychologie, orthopedagogie, …). Ook andere richtingen op het niveau van een professionele bachelor behoren tot de mogelijkheden.

Het taalaanbod in de Moderne Talen – Wetenschappen moet, ondanks extra investering in deze component, eerder worden beschouwd als een voorbereiding op taalstudie op het niveau van een professionele bachelor. Talen kunnen hier ook gezien worden als een hulpmiddel bij andere studies en een extra troef op de arbeidsmarkt.